De bestraling
Aantal bestralingen
De totale dosis straling wordt meestal in een aantal keren toegediend (zogenaamde fracties). De meeste patiënten moeten daarom gedurende een bepaalde tijd bijna dagelijks of soms zelfs twee keer per dag naar ons instituut komen. De radiotherapeut-oncoloog bepaalt hoeveel bestralingen u nodig heeft. Het aantal bestralingen zegt overigens niets over de ernst van uw aandoening. U kunt uw arts vragen het bestralingsschema op de volgende pagina voor u in te vullen.
Afspraken
De afspraken voor de bestralingen worden voor u gemaakt door de administratief medewerkers. Wij doen ons uiterste best u op de afgesproken tijd te helpen, maar storingen van de apparatuur, vertraging tijdens het patiëntenvervoer en dergelijke kunnen tot langere wachttijden leiden. In dat geval vragen wij hiervoor uw begrip. Wij zullen proberen u zoveel mogelijk telefonisch te informeren als uw behandeling later begint.
De bestralingen
Vóór iedere bestralingsbehandeling meldt u zich eerst bij de receptioniste in de centrale hal. Zij geeft aan in welke wachtkamer u plaats kunt nemen. Mocht u niet op de afgesproken tijd aanwezig kunnen zijn, dan verzoeken wij u dit zo snel mogelijk aan ons door te geven.
Het is heel begrijpelijk dat u zenuwachtig bent, zeker als u voor het eerst komt. Daarom benadrukken wij nog eens extra dat de bestralingsapparatuur beveiligd is en regelmatig door technici en fysisch medewerkers wordt gecontroleerd. De bestraling zelf wordt uitgevoerd door radiotherapeutisch laboranten. Zij zijn opgeleid om de bestralingstechnieken toe te passen en kunnen uw vragen daarover beantwoorden. Ook over eventuele lichamelijke klachten kunt u met hen praten; zo nodig zullen zij deze doorgeven aan de radiotherapeut-oncoloog.
Als u komt voor de eerste bestraling, wordt u door een laborant uit de wachtkamer opgehaald. Indien u dit prettig vindt, mag u de eerste keer iemand meenemen. De keren daarna wordt u opgeroepen via een intercomsysteem. In de aangewezen kleedkamer maakt u het te bestralen gebied vrij van kleding. U kunt eventueel een kledingstuk los omslaan. Vervolgens neemt een laborant u mee naar het bestralingstoestel en u neemt plaats op de bestralingstafel. De laboranten stellen de bestralingsapparatuur nauwkeurig in. Het is belangrijk dat u tijdens de bestraling zo stil mogelijk blijft liggen; de bestraling wordt afgebroken op het moment dat u te veel beweegt. Tijdens de bestraling hoort u een hoog zoemend geluid, veroorzaakt door de apparatuur. Verder ruikt, voelt en ziet u niets van de bestraling. Vaak wordt u tijdens één bestralingssessie vanuit meerdere richtingen bestraald. U kunt in dat geval in dezelfde houding blijven liggen; de laboranten draaien het apparaat of het toestel draait tijdens de bestraling automatisch om u heen. Het draaien van het toestel kunt u zien en horen. In totaal duurt de behandeling, met uit- en aankleden, het instellen van het toestel en het bestralen tien tot twintig en soms dertig minuten.
Het is heel begrijpelijk dat u zenuwachtig bent, zeker als u voor het eerst komt. Daarom benadrukken wij nog eens extra dat de bestralingsapparatuur beveiligd is en regelmatig door technici en fysisch medewerkers wordt gecontroleerd. De bestraling zelf wordt uitgevoerd door radiotherapeutisch laboranten. Zij zijn opgeleid om de bestralingstechnieken toe te passen en kunnen uw vragen daarover beantwoorden. Ook over eventuele lichamelijke klachten kunt u met hen praten; zo nodig zullen zij deze doorgeven aan de radiotherapeut-oncoloog.
Als u komt voor de eerste bestraling, wordt u door een laborant uit de wachtkamer opgehaald. Indien u dit prettig vindt, mag u de eerste keer iemand meenemen. De keren daarna wordt u opgeroepen via een intercomsysteem. In de aangewezen kleedkamer maakt u het te bestralen gebied vrij van kleding. U kunt eventueel een kledingstuk los omslaan. Vervolgens neemt een laborant u mee naar het bestralingstoestel en u neemt plaats op de bestralingstafel. De laboranten stellen de bestralingsapparatuur nauwkeurig in. Het is belangrijk dat u tijdens de bestraling zo stil mogelijk blijft liggen; de bestraling wordt afgebroken op het moment dat u te veel beweegt. Tijdens de bestraling hoort u een hoog zoemend geluid, veroorzaakt door de apparatuur. Verder ruikt, voelt en ziet u niets van de bestraling. Vaak wordt u tijdens één bestralingssessie vanuit meerdere richtingen bestraald. U kunt in dat geval in dezelfde houding blijven liggen; de laboranten draaien het apparaat of het toestel draait tijdens de bestraling automatisch om u heen. Het draaien van het toestel kunt u zien en horen. In totaal duurt de behandeling, met uit- en aankleden, het instellen van het toestel en het bestralen tien tot twintig en soms dertig minuten.
Controle door de arts tijdens de behandeling
U heeft regelmatig een controleafspraak bij de radiotherapeut-oncoloog. Wij streven ernaar deze zoveel mogelijk aansluitend aan de bestraling te plannen, bij voorkeur bij uw behandelend radiotherapeut-oncoloog.
De radiotherapeut-oncoloog bekijkt dan hoe het met u gaat. Klachten, problemen of eventuele opmerkingen kunt u met de arts bespreken. Zo nodig krijgt u medicijnen om de klachten te verlichten.
Het kan nuttig zijn vragen en opmerkingen op te schrijven, zodat u ze niet vergeet. Achterin dit boekje is er ruimte voor het noteren van uw vragen. U kunt uw vragen ook altijd tussentijds stellen aan de radiotherapeutisch laborant en/of de doktersassistente. Zij helpen u graag verder.
De radiotherapeut-oncoloog bekijkt dan hoe het met u gaat. Klachten, problemen of eventuele opmerkingen kunt u met de arts bespreken. Zo nodig krijgt u medicijnen om de klachten te verlichten.
Het kan nuttig zijn vragen en opmerkingen op te schrijven, zodat u ze niet vergeet. Achterin dit boekje is er ruimte voor het noteren van uw vragen. U kunt uw vragen ook altijd tussentijds stellen aan de radiotherapeutisch laborant en/of de doktersassistente. Zij helpen u graag verder.
Nacontrole
Tegen het einde van de totale behandeling krijgt u, eventueel na een gesprek met uw radiotherapeut-oncoloog, een afspraak mee voor een controlebezoek. De controle bestaat onder andere uit een gesprek, een lichamelijk onderzoek en eventueel bloedonderzoek en/of röntgenonderzoek. Dit is nodig om het effect van de bestraling na te gaan en zonodig de bijwerkingen te controleren en te behandelen. De arts zal met u bespreken hoe de verdere controle er uit gaat zien. De controlebezoeken vinden plaats in MAASTRO clinic of in het verwijzende ziekenhuis (Weert, Sittard, Heerlen, Roermond of Venlo).

